Er zijn veel spreekwoorden met het woord ‘water’, viel me na dit weekend op. Dat dit carnavalsweekend in het water viel, is een te makkelijk grapje.
Wat heb ik veel aan die gasten gedacht. Groepen vrienden en niet-zulke-goeie-vrienden die al maanden aan het bouwen en bier drinken waren. Bouwen in de kou. Bouwen met een kater. Bouwen tot later. En op het moment suprême wordt de optocht afgelast.

Begrijpelijk. Hier waaiden de kippen van stok en de koeien hielden zich vast aan de luiken van de stal. Wat een wind. Als er dit weekend ook maar één suffig carnavals-ongelukje was gebeurd, oorzaak wind of niet, was Holland in last. Of in dit geval Wilp-Achterhoek in last. Logische beslissing van Penninx en co om het boeltje af te blazen.

De optocht wordt niet ingehaald. Waarom geen plan B? Er doen 78 wagens en loopgroepen mee. Je laat dus, pak hem beet, 1000 mensen in de kou staan. Of eigenlijk niet – stonden ze maar in de wind en kou.

Het is een gedoe om zo’n optocht opnieuw te organiseren. Denk aan de vrijwilligers, politie inzet, dat soort zaken. Met alle respect: die politie is blij dat het een keer weer de keet uit mag en die vrijwilligers willen over een maand of twee ook heus nog wel.

Er hangt een heel beleidsplan omheen. Tuurlijk. De organisatie is een gedoe. Misschien even uitleggen hoe Control-C, Control-V werkt? Is toch een kwestie van het hele zwikkie hetzelfde organiseren, maar dan op een andere dag?

Drie weken lang heerst er storm. De hele namen-fanfare is langsgekomen. Ciara, Dennis, Ellen. Zodra een windje een naam krijgt, moet je op gaan letten. Is er dan niemand die in de aanloop van carnaval het heldere inzicht had om een gedegen plan B op te stellen? Plan C: plan Carnaval?

Het hoeft niet overmorgen te worden ingehaald. Ook al zouden we het naar halverwege april verplaatsen. Al is er alleen maar de optie voor de carnavalbouwers en –vierders om er alsnog een feest van te maken. Dan hebben de bouwers een carnavalkeuze. Eindelijk de wind mee.