Doventolk Irma wordt verafgood. Ik begrijp na afgelopen weekend eindelijk waarom. We zijn een stelletje dove imbecielen bij elkaar. Ik zag foto’s van de stranden en natuurparken, nog geen 24 uur na die heerlijke warme dagen. We hebben geen bal geleerd van de wakkerschudderij van Corona. We staan als dom vee onze gedesinfecteerde klauwen blauw te klappen voor onze kanjers in de zorg, maar weten het bij de eerste de beste versoepeling pontificaal te verkloten. Zegt ze nou verkloten? Ja zeker, want je moet wel een behoorlijke klootviool zijn om al je afval zo van je af te gooien.

Dus ik snap wel dat Irma in trek is. Sterker: zij is onze laatste hoop. De laatste strohalm. Luisteren doen we al lang niet meer. Niet meer naar elkaar, niet meer naar de minister en al helemaal niet naar de natuur. Ik kan de quotes niet meer horen! Hoe we hebben geleerd van quarantaine. Hoe dierbaar onze naasten zijn. Hoe geweldig de zorg is! Och wat hebben we te doen met de horeca. Allemaal mooie praatjes, maar hoe zit het met ons eigen gedrag? BOA’s in het ziekenhuis meppen? Afval dumpen – op parkeerplaatsen poepen? Terrassen van horeca dat (nog) gesloten is, vernielen?  

Dus recreatie-randdebielen, hoe gaan we er voor zorgen dat die afval netjes in een pedaalbakkie terecht komt? Bullenbakken, pleur jullie rommel in de prullenbakken. Moeten we dat Irma laten tolken? PRUL-LEN-BAK?! Irma ons als een stewardess naar een denkbeeldige ton laten navigeren? BOA-bekogelen, handhavers-hengsten en toezichthouders-tackelen. Hoe zou Irma dat uitbeelden? Door Rutte aan de grond te tikken? De Jonge met een halfvolle fles Bacardi tegen zijn hoofd aan te ketsen? Jonge jenever natuurlijk, beter grapje.

Wat zijn we sneu. Massaal weer naar de binnensteden om onze koopziekte te kunnen verspreiden. Onze tassen vullen met tijdelijke troep en peperdure prullaria. Wat een opluchting. Eindelijk. Koop-Corona, besmettelijk maar net niet dodelijk. Irma, tolk with your hands. ‘Cause the crowd ain’t listening.